Het visioen zal doorverteld 4

Overweging zondag 19 december 2021 door Jeffrey Korthout

Bij: Micha 5-1-4a en Lucas 39-45

 

Visioen van een nieuwe leider

Op deze vierde adventszondag lazen we als eerste lezing het laatste profetische visioen in de cyclus van visioenen die we deze adventstijd met elkaar hebben gelezen en overwogen. Ditmaal was het een visioen van de profeet Micha. Een visioen bedoeld om hoop te geven aan het volk van Israël tijdens een grote crisis: de Babylonische Ballingschap. Het volk van Israël is weggevoerd uit het beloofde land en de Tempel in Jeruzalem staat er uitgebrand, verlaten en vergeten bij. Maar, zo voorziet Micha, uit Bethlehem, een plaatsje te klein om echt mee te tellen, zal een nieuwe leider voortkomen die als een herder over het volk van Israël zal heersen. Dit zal pas gebeuren als ‘de vrouw’ die zwanger is haar ‘kind’ heeft gebaard. Pas daarna zullen de overgebleven Israëlieten terugkeren naar Israël om daar geleid te worden door de nieuwe leider uit Bethlehem. Vanaf dan zullen ze eindelijk veilig wonen, omdat deze nieuwe leider zal heersen tot aan de einden der aarde en overal vrede zal brengen.

Beeld van bevrijding uit ballingschap

Micha schetst een voor de Bijbel vertrouwd beeld: er komt redding, en die redding komt vanuit een plek of persoon waar wij mensen het niet van verwachten. In dit geval komt de redding uit het onbetekenende plaatsje Bethlehem, waar ook de grote koning David vandaan kwam: David die zijn carrière als koning ook al begon als de onbelangrijkste, jongste en kleinste van zijn gezin. Maar, zo stelt Micha, voordat deze redding vanuit Bethlehem plaats kan vinden moet ‘de vrouw’ die zwanger is, eerst bevallen van haar ‘kind’. Raadselachtig, want ‘dat kind’ is dus niet de redder, de werkelijke redder komt pas na de geboorte van ‘dit kind’. Maar wat is dan de rol van ‘dat kind’? En wat heeft die ‘zwangere vrouw’ er mee te maken? De vrouw die zwanger is, zo blijkt als je de verzen 9 en 10 uit het hoofdstuk voor deze lezing uit het boek Micha leest, is een metafoor voor de crisis waarin het volk van Israël verkeerd. Het in ballingschap levende volk van Israël wordt in die verzen voorgesteld als een vrouw in barensnood, die pijn heeft en schreeuwt. De zwangere vrouw is een metafoor voor de Babylonisch Ballingschap en haar pijn en schreeuwen de ellende die het volk van Israël daardoor beleefd. De bevrijding uit de ballingschap wordt vervolgens door Micha uitgebeeld met de geboorte van het kind. Een krachtig beeld, want in de geboorte van een kind ligt altijd hoop voor een nieuwe toekomst besloten. De rol van het kind in dit visioen van Micha is aankondiger zijn van de nieuwe tijd die aan het doorbreken is. Het kind is de aankondiger van het einde van de donkere tunnel, het einde van de ballingschap en terugkeer naar het beloofde land. Aankondiger van het licht dat de duisternis zal verdrijven en aankondiger van hoop. Er zal een nieuwe tijd van vrede voor het volk van Israël zijn, dat onder de leiding zal komen te staan van een nu nog onbekende vredesvorst uit Bethlehem, die vanaf dan voor eeuwig zal regeren tot de einden der aarde.

Bijzondere zwangerschap van Maria

De lezing uit Lucas sluit vervolgens prachtig aan op het visioen van Micha. Ook ten tijde van Lucas is het volk van Israël in crisis: niet de Babyloniërs, maar de Romeinen hebben dit keer het beloofde land veroverd en ditmaal is het volk van Israël gast geworden in eigen land. En ook bij Lucas is er sprake van een vrouw die zwanger is. Dit keer alleen geen anonieme vrouw, maar ene Elisabeth. Deze Elisabeth is zwanger van het kind dat de geschiedenis zal ingaan als Johannes de Doper. Vervolgens komt Maria, een nicht van Elisabeth, bij haar op bezoek. Het toeval wil dat ook Maria zwanger is. Zij is zwanger van het kind dat de geschiedenis zal ingaan als Jezus de Christus. Het bijzondere hierbij is: als Maria haar nicht begroet springt het kind, Johannes dus, in haar schoot op en Elisabeth zelf wordt vervuld van de Heilige Geest. Begeesterd roept daarom Elisabeth uit: “De meest gezegende ben je van alle vrouwen, en gezegend is de vrucht van je schoot!”. Daarna stelt Elisabeth haar nicht Maria een vreemde vraag: “Wie ben ik dat de moeder van mijn Heer naar mij toe komt?”. Blijkbaar is Maria volgens Elisabeth zwanger van een wel heel bijzonder kind. Nog voor het kind van Maria geboren is, gelooft Elisabeth al dat dit kind, Jezus dus, haar ‘Kurios’ is, haar Heer met een hoofdletter H. De nog ongeboren Johannes de Doper is het helemaal eens met zijn moeder en springt daarom van vreugde op en neer in de buik van Elisabeth.

Vooraankondiger van licht

Het visioen van Micha komt als het ware tot leven in het verhaal uit Lucas. De zwangere vrouw uit Micha is bij Lucas Elisabeth. En zij is zwanger van een kind, Johannes de Doper. Johannes de Doper is daarmee de vooraankondiger van de redder die volgens het visioen van Micha komen gaat uit Bethlehem. Precies dat doet Johannes dan ook: met zijn opspringen in de schoot van zijn moeder kondigt hij de op handen zijnde redding aan. Johannes is bij Lucas de vooraankondiger van het einde van de crisis. Johannes is vooraankondiger van het licht dat de duisternis zal verdrijven en aankondiger van hoop en een nieuwe tijd. Want het kindje waar Maria zwanger van is, Jezus, waar zowel Johannes als Elisabeth zo verheugd over zijn, is de langverwachte redder die Micha al voorzag. En zoals Micha ook al voorzag, zal die redder straks, zo lezen we aan het begin van het tweede hoofdstuk van Lucas, in Bethlehem geboren worden. Lucas weet het zeker: dat kindje van Maria, Jezus, is de redder, Jezus is de Christus. Jezus is de Messias waar het volk van Israël al zo lang op heeft gewacht. Met Jezus zal er daarom een nieuwe tijd van vrede komen. En niet alleen voor het volk van Israël, maar voor alle volkeren op aarde, omdat Hij uiteindelijk voor eeuwig zal regeren tot de einden der aarde.

Barensweeën voorafgaand aan de geboorte van een nieuwe tijd

Deze beide lezingen geven ons een hoopvolle kijk op crisissen. Met Micha en Lucas in het achterhoofd kun je een crisis namelijk andere bekijken. Niet als alleen duisternis en ellende, maar ook als de geboorte van een nieuwe tijd. De verschrikkingen van de crisis zijn met de woorden van Micha dan ‘de barensweeën van de geboorte van een nieuwe tijd’. Maar nog voor het einde van de crisis, zo voorzegt hij, zijn er al hoopvolle tekenen te zien van een nieuwe tijd die komende is. Als het ware de vooraankondigers van die nieuwe tijd die komen gaat. Om uiteindelijk te leiden tot de geboorte van een kind, het einde van de crisis en het aanbreken van die nieuwe tijd. Het visioen van Micha en het verhaal van Lucas zijn hoopvolle en universele verhalen die helpen om hoop te houden in duistere tijden van crisis. Ze herinneren ons eraan dat er een God is die ons beloofd heeft er altijd voor ons te zijn. Een God van licht en hoop, die ons nooit in de duisternis verloren zal laten lopen. Een God die in tijden van grote crisis hoop geeft door kinderen van hoop onder ons geboren te laten worden. Kinderen van hoop die uiteindelijk de crisis beëindigen en een nieuwe tijd doen aanbreken.

Tekenen van hoop in onze tijd

Maar midden in de coronacrisis, de crisis waar we midden in zitten, zijn er dan hoopvolle tekenen, vooraankondigingen van een nieuwe tijd? Ik denk dat er best wel wat lichtpuntjes te noemen zijn. Zo lijkt veel thuiswerken het nieuwe normaal te worden, met positieve gevolgen voor de files in de ochtend- en avondspits, het milieu en het gezinsleven. En je ziet mensen die de schoonheid van hun directe omgeving ontdekken. Je hoeft niet de halve wereld over, met alle gevolgen voor onze leefomgeving van dien, om een fijne tijd te hebben. Ook zien steeds meer mensen het belang in van goede gedeelde maatschappelijke voorzieningen zoals zorg en onderwijs. En solidariteit met je naasten staat bij een deel van de mensen weer centraal in het leven, bijvoorbeeld in de vorm van jezelf laten vaccineren, elkaar de ruimte gunnen en hulp en omzien voor hen die ziek of eenzaam zijn. Allemaal kleine vooraankondigingen van een nieuwe tijd die onder ons wordende is, die als het ware onder ons geboren wordt. Een nieuwe tijd voor de wereld waarin we misschien wel dichter bij het Koninkrijk van God komen. Een tijd waarin we meer omzien naar elkaar. Een tijd van meer solidariteit, zonder onzinnig onderscheidt op basis van geloof, geslacht, huidkleur, geaardheid of afkomst. Een tijd waarin meer respect hebben voor onze leefomgeving. En een tijd waarin we meer respect hebben voor alle niet menselijke schepselen waarmee we deze aarde delen. De naderende kersttijd is dit jaar dan ook meer dan ooit een feest waar wij ons geloof mogen vieren dat in alle crisis en duisternis om ons heen uiteindelijk hoop en redding besloten ligt, omdat God ons niet in de steek laat. Dus houdt hoop in deze donkere tijden: de nacht loopt ten einde, de dag komt naderbij. Het volk dat woont in duisternis, zal weten wie zijn heiland is. Want onverwacht komt van heinde en ver de mensenzoon, de morgenster.

Dat het zo zal zijn.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.