Staan aan de kant van het kind
Overweging op zondag 28 december 2025 door Jeffrey Korthout
Bij: Jeremia 31, 15 – 17 en Matteüs 2, 13 – 18
Deze zondag was – en is – ook wel bekend als de zondag van de onnozele kinderen. Onnozel, omdat kinderen simpelweg nog van niets weten. Ze kunnen daarom nergens schuld aan hebben, simpelweg omdat ze nog niet bekend zijn met de concepten die daaraan ten grondslag liggen.
Het kind versus de duistere heerser
Van de romantiek van Kerst – het kind in de kribbe, de zoete beelden, de hoop, het licht en de onschuld van het kersttafereel – gaan we vandaag meteen terug naar de harde realiteit. De realiteit van de wereld waarin Jezus geboren is. Om met de woorden van René te spreken uit de viering van de kerstnacht: de werkelijke duisternis waar het met Kerstmis om draait. Er is namelijk een kwade en duistere heerser aan de macht: Herodes de Grote. Een verschrikkelijke despotische heerser die zijn eigen vrouw liet wurgen, zijn eigen zonen liet doden en zijn zwager voor zijn eigen ogen in bad liet verdrinken. Daarnaast liet hij het hele joodse Sanhedrin vermoorden en had hij verordonneerd dat er bij zijn eigen dood van iedere familie één vertegenwoordiger gedood moest worden, zodat het hele land in rouw gedompeld zou zijn. Matteüs voegt daar nog een misdaad tegen de mensheid aan toe: een kindermoord. Mogelijk is het geen historische gebeurtenis, maar gezien de reputatie van Herodes, past een kindermoord het prima in het rijtje misdaden van deze man. Als Herodes er namelijk achter komt dat de Magiërs hem misleid hebben en niet terugkomen om hem te vertellen waar het de Messias geboren is, geeft hij opdracht om dan maar alle jongetjes onder de twee jaar in de streek te laten doden. Jezus heeft geluk en overleeft het, omdat Jozef en Maria na een waarschuwing van een engel naar Egypte zijn gevlucht. Maar de andere net geboren jongetjes in Judea hadden minder geluk. Volgens Matteüs gingen zo de woorden van de profeet Jeremia in vervulling: “Er klinkt een stem in Rama, geween en luid geklaag. Rachel beweent haar kinderen en wil niet worden getroost, want ze zijn er niet meer.” Het is een citaat uit de lezing uit het Eerste Testament die we ook gelezen hebben deze ochtend.
Rachel huilt
Maar wie was ook al weer Rachel en waarom moest ze nu zo huilen? Om het lekker op z’n Bijbels ingewikkeld te maken verwijst Matteüs naar Jeremia en Jeremia zelf weer naar een ander Bijbels verhaal. Het verhaal waar ze uiteindelijk beiden naar verwijzen, is het verhaal van Rachel, een van de vrouwen van Jakob, uit het boek Genesis. Rachel krijgt daar als lievelingsvrouw van Jakob twee zonen: Jozef, die door zijn broers verkocht wordt als slaaf aan de Egyptenaren en Benjamin. Die laatste heeft ze overigens zelf de naam Ben-Oni gegeven, wat ‘zoon van mijn verdriet’ betekent. Zijn vader noemde hem daarna echter toch Benjamin, wat precies het tegenovergestelde betekent: ‘zoon van mijn geluk’. Niet zo gek. Rachel stierf namelijk bij de geboorte van haar zoontje Ben-Oni. Hij was daarom de zoon van haar verdriet, omdat ze hem nooit zal zien opgroeien. Ze zal nooit deel mogen uitmaken van zijn leven. Maar voor Jakob is Ben-Oni het laatste wat hij kreeg van de liefde van zijn leven waar hij zo voor heeft moeten vechten. Weet je nog? Dat Jakob Esau bedrogen had en wegvluchtte naar zijn oom Laban die hem jarenlang gratis voor hem heeft laten werken om maar met Rachel te kunnen trouwen? Ben-Oni noemt hij daarom Benjamin: zoon van zijn geluk. Zoon van zijn verloren grote liefde die hij al weer zo snel verloren heeft.
Jeremia gebruikt vervolgens dat beeld van de huilende en verdrietige Rachel als ze sterft op haar kraambed om het verdriet te illustreren van alle moeders die hun kinderen verliezen. Doordat hun kinderen sterven of doordat hun kinderen weggevoerd worden van huis. De Assyriërs zijn namelijk Israël binnengevallen en voeren de Israëlieten weg uit hun land om als slaven voor ze te werken. De moeders van Israël huilen dan zoals Rachel destijds huilde, nu hun zonen worden weggevoerd en ze geen deel meer kunnen zijn van hun leven. Ze zullen hun zonen niet meer kunnen zien opgroeien. En Matteüs gebruikt datzelfde beeld als hij verteld over de kindermoord van Herodes. De moeders van Israël huilen wederom net als Rachel toen, omdat hun zoontjes gedood zijn en er niet meer zijn.
Overal verloren kinderen
Een oud verhaal, maar helaas pijnlijk actueel. In de wereld van nu is er al net zo weinig ruimte voor de romantiek van kerst als in de tijd van Jezus. Overal woeden er oorlogen of zijn er spanningen. En zoals helaas ‘gewoon’ in oorlogen worden er regelmatig kinderen gedood of aangevallen. Soms onbewust en per ongeluk, maar soms helaas heel bewust. Neem de aanval van Rusland op een kleuterschool in het Oekraïense plaatsje Kharkiv op 22 oktober van dit jaar. Of de aanval op een flatgebouw in Kyiv vier dagen daarna waarbij tientallen doden vielen, waaronder zes kinderen. En zelfs op eerste kerstdag was er een aanval waarbij wederom een jonge kleuter gestorven is. Volgens UNICEF waren er in mei 2024 al minstens 1.993 kinderen gedood of gewond geraakt. Dus hoeveel zijn er het er inmiddels? Of in Gaza waar volgens Amnesty International een jaar na 7 oktober 2023 al meer dan 42.000 Palestijnen gedood waren, waaronder ruim 13.300 kinderen. En dan hebben we nog de oorlog in Sudan waar niet zeker weten hoeveel kinderen er gedood zijn, maar volgens schattingen zijn het er enkele duizenden. Om in de beeldtaal van de Bijbelteksten van vandaag te spreken klinkt er overal ter wereld geween en luid geklaag. Rachel beweent haar kinderen en wil niet worden getroost, want ze zijn er niet meer. Overal ter wereld huilend moeders, en vaders, die hun kinderen verloren zijn.
Opvallend is als je op zoek gaat naar deze duistere cijfers dat vrijwel alle artikelen hierover apart melding maken van het aantal gedode kinderen. En dat is ook niet zo gek. Kinderen staat immers voor de onschuld of onnozelheid. Ze staan buiten elke oorlog die wij voeren, omdat ze er simpelweg niet bij betrokken kunnen zijn. Ze bestonden simpelweg nog niet toen wij besloten te gaan strijden. Of waren nog te jong om überhaupt ergens een standpunt over te hebben. Daarnaast zijn kinderen bijzonder kwetsbaar. Kwetsbaarder dan een volwassene die voor zichzelf kan zorgen en zelf keuzes kan maken. Kinderen vragen daarom onze extra zorg en bescherming. En wie de bescherming van kinderen bewust nalaat of bewust ervoor kiest kinderen te doden: die staat in ieder geval in de Bijbel, en ook voor mij, aan de verkeerde kant van de geschiedenis. Kinderen doden is het ultieme kwaad. Het zijn de meest rotte vruchten, waaraan je een zieke boom herkent. Kinderen doden, die van niets weten, zich van geen kwaad bewust zijn, is de meest cynische oorlogsmisdaad die je kan begaan. Als Rusland een Oekraïens kinderdagverblijf met drones aanvalt laat dat zien hoe cynisch hun leiders zijn. En hetzelfde geld voor de leiders van het moderne Israël en de strijders in Sudan. Het laat zien hoe ver afgedreven zij zijn van het licht en in hoeverre ze zich gekeerd hebben naar de duisternis. Ze hebben zich afgekeerd van God, en daarmee ook van ons, van elkaar en van de gehele mensheid. Ze vernietigen immers niet alleen het leven van het kind zelf, maar ook de belofte die elk kind in zich draagt voor toekomst. Wie kinderen doodt, doodt de toekomst en daarmee de hele mensheid. En aangezien ieder mens het beeld van God is, doodt je daarmee ook God zelf.
De kant van het kind kiezen
Maar wat kunnen wij hier zelf nu mee? Veel kunnen we niet doen. Dat wil zeggen: niet op het strijdveld. Niemand hier is een getrainde soldaat. En zelfs al zo dat wel zo zijn kun je je nog afvragen of je uiteindelijk geweld met geweld moet oplossen. Maar wat dan wel? We kunnen in ieder geval in geestelijke zin aan de kant van de kinderen gaan staan, door ons te verzamelen rondom de kribbe waarin Christus in ons midden is gekomen. Door ons te verzamelen rondom de kribbe gaan wij staan aan de goede kant: die van het licht en de hoop, de kant van God. Zo vormen we als het ware een soort barrière om het kerstkind en daarmee rondom alle kinderen van deze wereld. We zijn dan de tegenbeweging. Tegen de Herodessen van deze wereld, zoals Poetin, Netanyahu of Trump. Tegen de cynische en duistere leiders die niet kijken op een mensenleven meer of minder om hun doelen te bereiken. En ook al lijkt deze daad klein en kwetsbaar, net zoals het kind zelf, weet dan dat Gods kracht juist daar is waar het kleine en het meest kwetsbare is. Daarom zijn cynische leiders zoals Herodes, maar ook de cynische leiders van onze tijd uiteindelijk ook zo bang voor kinderen. Kinderen vertegenwoordigen immers in al hun kwetsbaarheid de kracht van de toekomst. De voortstuwende kracht van de goede God, die in al die kwetsbare kinderen, in al die broze handen en knikkende knieën steeds een beetje meer wordende is in ons midden. Door daar omheen te gaan staan helpen we beetje bij beetje deze verrotte wereld minder verrot te maken, minder akelig en minder duister. Zo wordt kerst een feest zoals het eigenlijk bedoeld is: de verdrijving van de werkelijke duisternis. Een duisternis die veel verder gaat dan de donkere dagen van december zelf. Om ooit een wereld te krijgen die zal zijn als Gods koninkrijk.
Zo dadelijk gaan we luisteren we samen naar de Coventry Carol. Een Engels kerstlied uit de 16e eeuw dat verwijst naar het bloedbad van de onschuldigen, waarbij Herodes alle jongetjes jonger dan twee jaar in Bethlehem liet doden. Het is soort een slaapliedje dat gezongen wordt door de moeders van de gedoemde kinderen. Een liedje als laatste troost voor hun kinderen die sterven gaan. Laten wij ernaar luisteren met in onze gedachte alle door cynische leiders gedode en nog te doden kinderen van deze wereld. Op die manier verzamelen wij ons dan als beschermers rondom hen: bondgenoten en bouwers van vrede. In de hoop dat er ooit een wereld zal zijn waarin er geen oorlog meer is en elk kind kan uitgroeien tot de belofte die er in besloten ligt.
Amen



Plaats een Reactie
Meepraten?Draag gerust bij!