Keer mijn hart in mij
Overweging op zondag 22 februari 2026 door Jeffrey Korthout
Bij: Romeinen 5:12-21 en Matteüs 4:1-11
In de brief aan de Romeinen waaruit we zojuist een fragment hebben gehoord, heeft Paulus het over de zonde. De zonde die – zoals hij dat ziet – in de wereld gekomen is door één mens: Adam. Hij verwijst daarmee naar het verhaal van Adam en Eva, waarbij de eerste mensen zich letterlijk de dood op de hals haalden door van de verboden vruchten te eten. Zo kwam volgens Paulus de zonde in de wereld via Adam. De rol van Eva blijft hierbij onbesproken. Gelukkig maar, want in de christelijke geschiedenis is de schuld van de zonde nogal eens in de schoenen van Eva geschoven. Paulus legt deze bij Adam. Daar stelt hij vervolgens Jezus tegenover. Wederom één mens, maar dan een mens door wie de genade in de wereld kwam. Dus niet: een mens die ervoor zorgde dat er nooit meer gezondigd werd, maar een mens die genade bracht. Genade omdat toen God mens werd, Zij gezien heeft hoe moeilijk het is om als mens te leven. Hoe moeilijk het is om niet mee te gaan in de waan van de dag. En hoe makkelijk het is als mens is om mee te praten met populaire meningen, een rotgevoel weg te eten en te drinken of jezelf te verliezen betekenisloos tijdverdrijf. Daarom is met Jezus de genade gekomen: De ENE leerde door Zijn komst in ons midden dat Adam en Eva en hun nakomelingen het niet gemakkelijk hebben. Het vraagt blijkbaar behoorlijk wat wilskracht en moed om je te verzetten tegen de gang van de wereld. En geheel zoals in het oude Israël gebruikelijk was, was er helaas nog één laatste bloederig offer nodig om de zonde af te lossen. Om daarna als nieuwe mensen te leven die niet meer veroordeeld werden door de wet. Dat vraagt wellicht om wat meer uitleg.
Joodse leefregels
De tijdgenoten en Jezus zelf leefden volgens 613 regels, waarbij sommigen de regels heel letterlijk namen, tot op de punt en komma. Het maakte het leven – dat toch al een worsteling is – er niet gemakkelijker op. Je was al veroordeeld voordat je het zelf in gaten had. Zo werd je al veroordeeld als je als man geen gedenkkwastjes droeg aan de hoeken van je kleding, kleding droeg die zowel van linnen als van wol was, tijdens Pesach iets at met gist erin of trouwde met iemand die niet Joods was. Overigens zitten er ook hele mooie leefregels bij, zoals: wees niet haatdragend, laat een dier niet zonder hulp liggen wanneer het gevallen is door de zware last en heb de vreemdeling lief. Het probleem zijn daarom ook niet de wetten zelf, al zitten er door de ogen van onze tijd bekeken behoorlijk krankzinnige regels bij. Het probleem is de omgang ermee: de idee dat je als mens door de ENE wordt veroordeeld als je slechts één van deze soms behoorlijk pietluttige regels overtreedt en dat je deze alleen met geldelijke of bloederige offers in de Tempel kan goedmaken.
Liefde boven alles
Jezus verzette zich dan ook tegen deze praktijken. Het ging volgens Hem niet om de letterlijke naleving van de wetten. En ook de handel en wandel die ontstaan was rondom de wetten, de offers en Tempel met haar machtige priesterkaste moest volgens Jezus verdwijnen. Paulus sloot zich hierbij aan en werkte deze ideeën na de dood van Jezus verder uit. Ook volgens Paulus ging het niet om de letterlijke naleving van wetten, maar om de geest achter de wetten. En de geest van de wetten lijkt zoiets te zeggen als: heb God lief, en heb elkaar lief. De kern van de wet is dus liefde en de navolging daarvan.
Heb de heer uw God lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand. Dat is het grootste en eerste gebod. Het tweede is daaraan gelijk: heb uw naaste lief zoals uzelf.
Matteus 22: 37-39
En daaruit komt dan ook de genade: want wie alles beziet vanuit liefde, kan niet anders dan begrip hebben voor de fouten die wij onvermijdelijk maken en deze de ander vergeven. En zo is het ook met de ENE zelf: de ENE beziet Haar schepping vanuit liefde, Ze heeft het immers zelf gemaakt. Ze heeft dan ook begrip voor de fouten die we als Haar kinderen onvermijdelijk maken. Het verzet van Jezus tegen deze praktijken kostte hem echter wel zijn leven. Een bloederig offer, zoals toen helaas nog gebruikelijk was. Een offer dat volgens zijn vroege volgelingen het laatste bloedoffer was. Een offer waarmee de zonden van de hele mensheid volledig werden wegwassen, omdat het de Zoon van God zelf betrof. Na zijn dood en opstanding gaan diezelfde volgelingen van Jezus, de latere christenen, daarom ook een nieuwe manier van samenleven bepleiten. Een die uitgaat vanuit de idee dat God boven alles vooral liefde, genade en vergeving is. En dat ook wij zo met elkaar moeten samenleven. En dat we zo de wereld kunnen overwinnen: door met de kracht van enkel die goddelijke liefde onze eigen fouten en zwakheden en die van anderen te lijf te gaan. Met de kracht van Gods liefde is er voor iedereen overal vergeving en genade. Meer hebben we niet nodig: geen wetten, geen straffen, geen offers. Enkel geloof in de liefde van God.
Het verhaal uit het evangelie volgens Matteüs over de beproevingen van Jezus in de woestijn lijkt ook die richting in te wijzen. Jezus heeft veertig dagen en nachten gevast en dan komt de beproever Hem op de proef te stellen. Eerst met de verleiding van eten en drinken, daarna de verleiding van roem en tot slot die van macht. Jezus weerstaat deze beproevingen niet met de 613 leefregels, in de zin van: dit mag ik niet en daarom doe ik het niet. Jezus weerstaat ze door te stellen dat het gaat om de liefde voor God. Eten en drinken is namelijk op zich niet het probleem, maar wel de idee dat het in het leven alleen daar om zou gaan. En het is op zich niet slecht om beroemd te zijn of machtig, maar wel als dat is zonder leiding van de Ene. Dan zijn we overgeleverd aan de grillen van een mens. Denk aan de machtigen der aarde van onze tijd, zoals Trump en Poetin. Mensen die beroemd en machtig zijn, maar heersen, leven en spreken vanuit een eigen egocentrisch besef van wat goed is. Zij doen uitspraken als ‘ik ben de wet’ of ‘alles wat ik bedenk is groots’ of ‘alleen ik kan het goedmaken’. En liefde, mededogen en vergeving worden door hen gezien worden als zwakte. Jezus weet echter al deze verleidingen te weerstaan door de Ene God boven alles te stellen: ‘De mens leeft niet van brood alleen, maar van ieder woord dat klinkt uit de mond van God.’ En: ‘Stel de Ene, uw God, niet op de proef. En tot slot: ‘Aanbid alleen de Ene, uw God, vereer alleen hem. Oftewel: ik leef door de Ene en heb de Ene aan mijn zijde en met Haar of Zijn liefde kan ik alles weerstaan. Want de liefde van God, is een liefde die we niet op de proef hoeven te stellen, maar waar we op kunnen vertrouwen. Daarom hebben we ook niet veel meer nodig dan alleen die liefde. Geen wetten, geen straffen, geen offers. Enkel geloof in de liefde van God.
Keer onze harten
Laten we daarom deze Veertigdagentijd gebruiken om naar dat geloof terug te keren en zo terug te keren bij de Ene. Opnieuw beseffen dat we niet alleen van brood leven en het niet gaat om aanzien of macht, maar dat het gaat om de liefde naar God en elkaar toe. Opnieuw beseffen dat de ENE boven alles vooral liefde, genade en vergeving is. Een liefde waarop we mogen vertrouwen en die we niet op de proef hoeven te stellen. En dat dit alles is wat we nodig hebben om gelukkige en vrije mensen te worden. Vrije mensen met een gekeerd hart. Ene, wij vragen en bidden Je daarom voor alle mensen van deze wereld tijdens deze Veertigdagentijd: keer onze harten.
Dat het zo zal zijn.



Plaats een Reactie
Meepraten?Draag gerust bij!