Mensen gevraagd
Overweging op zondag 21 juni 2026
door Miranda Vroon-van Vugt
Bij: het gedicht ‘Mensen gevraagd’ van Coen Poort en Matteüs 9,36 en 10,1.5a.7-8.12-14
Als het zo warm is als de afgelopen dagen doe ik niet zoveel. Eigenlijk is het gewoon veel te warm om actief te zijn. Ik ben daar niet op gemaakt. Nu is het best makkelijk voor mij om mij achter het weer te verschuilen bij hitte. Te blond voor heet weer. Maar op andere momenten vind ik het ook wel eens moeilijk om in beweging te komen.
Als grote problemen in de wereld de aandacht vragen, denk ik: hoe kan ik daar nou verandering in brengen?
Als mensen honger lijden in hete landen, denk ik: hoe kan ik al die mensen nou helpen?
Als er oorlogen zijn in zoveel landen, denk ik: hoe kan ik al die waanzin nou stoppen?
Toch horen we de roep om ons in te zetten voor een betere wereld. Ook in de evangelielezing van vandaag krijgen we instructies. Nou ja, de twaalf leerlingen, maar we weten inmiddels hoe het werkt: dat is ook een oproep aan ons allemaal: Ga op weg en verkondig: ‘Het koninkrijk van de hemel is nabij’. Genees zieken, wek doden op, maak mensen die aan huidvraat lijden rein en drijf demonen uit.
Ga d’r maar aan staan. Hoe dan? Het is toch om moedeloos van te worden nog voordat we zijn begonnen!
Maar toch, als iedereen zou zeggen dat het te moeilijk is, dan verandert er niets.
Vorige week waren Henk en ik in Katwijk, bij Soldaat van Oranje. Nog net voordat de musical stopt, in juli. Een bekend verhaal, misschien inmiddels iets te bekend, maar wel met de ultieme vraag: als wij niets doen, wie dan? Sommigen doen grootse dingen, zoals de adjudant van de koningin worden, zendapparatuur smokkelen van Engeland naar Nederland, piloot worden en Berlijn bombarderen. Maar de meeste mensen die in verzet kwamen, brachten vervalste persoonsbewijzen rond, of verzetskranten. Verstopten radio’s of mensen. Of pleegden klein verzet, door het dragen van oranje rozetten. Zoveel mensen die voelden: wat er om ons heen gebeurt, daar kunnen we niets aan veranderen. Maar hoe we er op reageren, wat we er mee doen, daar kunnen we – hoe beperkt ook – wel wat mee. En ja, soms moet je even wachten, om op een ander moment je kans te pakken. Er is een tijd voor alles.
Mensen gevraagd
Een aantal jaar geleden was er een initiatief in Afrika. Ik weet nog dat die kleine grote bisschop Tutu het promootte. Justdiggit heette het. Het doel: de droge zandgronden van Afrika weer groen maken, om mens en dier weer een kans te geven om er te leven. Dat klinkt nou echt als een onmogelijke taak. Maar wat was de boodschap? Just dig it. Begin gewoon met graven, 1 boom per keer. Houd dat lang vol, en die ene boom wordt een bos. Worden bossen. Geef water, laat het groeien, vraag anderen te helpen. Een voor een. En het werkt. Er is al veel groen bij gekomen.
De opdracht van Jezus ging nog verder: breng vrede waar die maar kan landen. Geef vrede, laat weten of het de goede kant op gaat, werk mee om die vrede te maken. Blijf getuigen van een andere manier van omgaan met de aarde, met planten, met dieren, met mensen. Blijf getuigen van een andere manier om samen te leven. Mensen gevraagd om de vrede te leren. Mensen te midden van mensen gevraagd.
Mensen gevraagd om de vrede te leren
Waar geweld door de eeuwen model heeft gestaan
Mensen gevraagd die de wegen markeren
Waarop alles wat leven heeft verder kan gaan.
Uit: ‘Mensen gevraagd’ van Coen Poort
Kleine stappen
Soms leggen we eigenlijk de lat te hoog. En dat helpt niet om in beweging te komen. Maar kleine stappen geven meer kans. Laten we niet teveel hooi op onze vork nemen. De hele wereld verbeteren is een missie die tot mislukken is gedoemd. Maar we kunnen wel verbeteringen aanbrengen op het kleine stukje aarde waar wij leven en werken.
Mogen wij zo blijven vertellen dat het tijd voor vrede is. Mogen we de moed daarvoor behouden. Ook al is het vandaag te warm om naar buiten te gaan.



Plaats een Reactie
Meepraten?Draag gerust bij!